Toen antwoordde hij:
‘Ja. Hij zei dat het huis binnenkort misschien verkocht moest worden.’
Mijn hart sloeg een slag over.
‘Verkocht?’
‘Dat is wat hij zei.’
Ik liep naar het raam.
De sneeuw was inmiddels dikker geworden.
Plotseling begreep ik waarom Linda vanavond aan mijn tafel had gezeten.
Waarom Ryan zo zeker was geweest.
Waarom Emily niets had gezegd.
Dit ging helemaal niet over een stoel.
Het ging over mijn huis.
En misschien over geld.
‘Meneer Harris,’ zei ik rustig, ‘ik wil dat u morgen alles controleert.’
‘Alles?’
‘Ja. Elke aanvraag, elk document, elke handtekening die met mijn huis te maken heeft.’
Hij werd stil.
‘Denkt u dat ze iets hebben geprobeerd?’
Ik keek naar mijn autosleutels op het nachtkastje.
‘Ik weet het niet.’
Ik pakte mijn jas.
‘Maar ik ga erachter komen.’
De volgende ochtend stond ik om zeven uur voor mijn eigen voordeur.
Ik had nauwelijks geslapen.
Mijn sleutel paste gewoon.
Toen ik binnenkwam, was het huis ongewoon stil.
De kerstboom brandde nog.
De tafel stond nog vol met glazen en borden.
Mijn eten stond afgedekt in de koelkast.
Maar er was iets veranderd.
Op mijn bureau lag een envelop.
Geen postzegel.
Geen naam.
Alleen mijn naam, met de hand geschreven.
Margaret.
Ik opende hem.
Binnenin zat een kopie van een document.
Ik las de eerste regels.
En toen voelde ik mijn handen koud worden.
Het was een overeenkomst over de verkoop van mijn huis.
Mijn naam stond erop.
Mijn handtekening stond eronder.
Maar ik had het document nooit ondertekend.
Ik keek opnieuw.
De handtekening leek op de mijne.
Maar er was één probleem.
Ik wist precies wanneer ik mijn handtekening had veranderd.
En deze handtekening was ouder.
Veel ouder.
Toen hoorde ik achter me een stem.
‘Mam?’
Ik draaide me om.
Emily stond in de deuropening.
Haar ogen waren rood.
‘Wat doe jij hier?’ vroeg ze.
Ik hield het document omhoog.
‘Dat wilde ik jou vragen.’
Ze keek naar het papier.
Haar gezicht verloor alle kleur.
‘Waar heb je dat gevonden?’
‘Op mijn bureau.’
Emily deed een stap achteruit.
‘Mam… ik kan dit uitleggen.’
‘Dan moet je dat nu doen.’
Ze begon te huilen.
‘Ryan zei dat hij het alleen maar tijdelijk wilde regelen.’
Ik zei niets.
‘Hij zei dat jullie huis te groot was voor jou alleen. Dat je uiteindelijk toch naar een appartement zou gaan.’
Mijn stem werd ijskoud.
‘Ons huis?’
Ze slikte.
‘Hij zei dat het beter zou zijn voor iedereen.’
‘En Linda?’
Emily keek naar de vloer.
Dat was genoeg.
Ik legde het document op tafel.
‘Hoe lang weet je hiervan?’
‘Een paar maanden.’
Mijn ogen vulden zich met tranen.
Niet van verdriet.
Van teleurstelling.
‘Dus daarom wilde je deze kerst hier vieren.’
‘Nee, mam! Zo was het niet!’
‘Waarom dan?’
Emily kon geen antwoord geven.
Op dat moment ging de voordeur open.
Ryan kwam binnen.
Achter hem liep Linda.
Ryan keek eerst naar Emily.
Toen naar mij.
Zijn gezicht veranderde.
‘Je bent terug.’
Ik knikte.
‘Ja.’
Hij keek naar het document op tafel.
En voor het eerst sinds gisteren zag ik angst in zijn ogen.
Ik pakte mijn jas niet.
Ik liep ook niet weg.
Ik ging langzaam naar de stoel aan het hoofd van de tafel.
De stoel waar Linda gisteren had gezeten.
Ik schoof hem naar achteren.
En ik ging zitten.
‘Ryan,’ zei ik rustig.
‘We moeten praten.’
Hij bleef staan.
‘Waarover?’
Ik keek hem recht aan.
‘Over mijn huis.’
Linda keek naar Ryan.
Emily begon opnieuw te huilen.
En ik wist dat de echte kerstnacht pas begonnen was.
Want deze keer zou niemand mij van mijn stoel wegsturen.