De koplampen bleven stilstaan voor het huis. Niemand zei een woord. Mathis kneep de deken steviger vast en keek met grote ogen naar de voordeur.
« Dat is papa, » fluisterde hij.
Adjudant Thomas Lenoir gaf de jonge agente een kort teken. Zonder paniek liep zij naar het raam, keek voorzichtig tussen de gordijnen door en sprak zacht:
« Er zit inderdaad iemand in de auto, maar we weten nog niet wie. »
De agenten vroegen Mathis om achter in de woonkamer te blijven. Zijn grootmoeder ging naast hem zitten en hield zijn hand stevig vast.
Enkele seconden later werd er op de deur geklopt.
Niet hard.
Rustig.
Lenoir opende de deur op een kier terwijl hij zich duidelijk kenbaar maakte als gendarme.
Tot ieders verbazing stond Arnaud daar niet……….