Maar toen gebeurde het.
Op de derde dag, terwijl ze mijn kussen rechtlegde, viel mijn oog op iets glinsterends rond haar pols. Ik verstijfde. Daar hing een dun gouden armbandje met een klein hartje. Ik kende het beter dan iets anders.
Het was mijn armband. Het enige erfstuk dat ik van mijn grootmoeder had gekregen. Een maand geleden was hij spoorloos verdwenen uit mijn kast. Ik had overal gezocht, tevergeefs. En nu, hier, zat hij om de pols van de verpleegster die ik begon te vertrouwen.
Ik kon me niet inhouden. Met trillende stem vroeg ik:
– “Waar heb je dat gevonden?!”
Ze schrok, keek even weg, en zei toen met een nerveuze glimlach:
– “O… het was een cadeautje.”
Mijn hart bonsde. Een cadeautje? Van wie? Hoe kwam ze eraan?…….
