Hij deed het.
Geen antwoord.
Nog een keer.
Geen antwoord.
Nog een keer.
Voicemail.
Voor het eerst begon hij te begrijpen wat zijn moeder de avond ervoor had gevoeld.
Genegeerd worden deed pijn.
Ondertussen zat ik rustig op mijn balkon met een kop thee.
Patrick zat tegenover mij.
« Hoe voel je je? » vroeg hij.
Ik keek naar de ochtendzon.
« Eerlijk? »
Hij knikte.
« Verdrietig. »
Dat was de waarheid.
Want dit ging nooit om geld.
Nooit om contracten.
Nooit om juridische documenten.
Het ging om familie.
Om een zoon die zijn moeder had behandeld alsof ze niet bestond.
Patrick zweeg even.
Toen zei hij:
« Ze zullen snel contact opnemen. »
Ik glimlachte zwak.
« Dat weet ik. »
Nog geen tien minuten later ging mijn telefoon.
William.
Ik liet hem overgaan.
Nog een keer.
Nog een keer.
Pas bij de vierde oproep nam ik op.
« Hallo. »
« Mam… »
Zijn stem klonk anders.
Geen zelfvertrouwen.
Geen afstand.
Geen beleefde kilte.
Gewoon onzekerheid.
« Waarom doe je dit? »
Ik sloot mijn ogen.
« Waarom deed jij wat je gisteren deed? »
Aan de andere kant bleef het stil.
Lang.
Heel lang.
Toen hoorde ik hem zuchten.
« We wilden geen scène. »
Ik moest bijna lachen.
Geen vrolijke lach.
Een vermoeide lach.
« Je hebt je moeder geweigerd op de bruiloft van haar kleindochter. »
Hij zei niets.
« En nu maak je je zorgen over een scène? »
De stilte werd nog zwaarder.
Uiteindelijk sprak hij weer…………..