voelde mijn hart sneller kloppen.
‘Wat bedoelt u?’ vroeg ik.
De serveerster keek even naar Leo, die aan tafel zat te lachen om iets wat mijn man vertelde.
‘Uw zoon komt hier niet alleen voor de friet,’ zei ze zacht. ‘Dat heeft hij nooit gedaan.’
Ik wist niet wat ik moest zeggen.
De vrouw haalde diep adem.
‘Toen hij hier voor het eerst kwam, was hij acht jaar oud. Hij zat helemaal achter in de zaak, met zijn handen over zijn oren. Er was die dag een verjaardagsfeestje naast hem. Veel geluid, veel mensen. Hij raakte volledig in paniek.’
Ik slikte.
Ik herinnerde me die periode. Leo had vaak moeite met drukke plekken. Soms begreep de wereld om hem heen hem gewoon niet.
‘Chloe wilde vertrekken,’ ging de serveerster verder. ‘Maar Leo wees naar mij.’
‘Naar u?’
Ze knikte.
‘Ik was die dag de enige persoon die rustig bleef zitten. Ik ging naast hem zitten en vroeg niet waarom hij bang was. Ik zei alleen: “Je hoeft nu niets te zeggen. Je mag gewoon hier zitten.”’
Mijn ogen werden vochtig………….