aan hield. Buiten glinsterden de lichten van de stad alsof niets gebeurd was. Alsof mijn leven niet net in duizend stukken was gevallen.
Mijn dochter zei geen woord meer.
Ze keek alleen uit het raam met die vreemde, stille blik die kinderen soms hebben wanneer ze iets begrijpen dat volwassenen nog proberen te ontkennen.
Mijn handen trilden nog steeds.
Ik bleef haar woorden herhalen in mijn hoofd.
“Ik heb papa al gestraft.”
Wat bedoelde ze daarmee?
Een kind van zes zegt zulke dingen niet zomaar.
We kwamen aan bij het hotel waar ik haastig een kamer had geboekt. De receptioniste glimlachte vriendelijk, maar ik hoorde nauwelijks wat ze zei. Alles voelde ver weg. Alsof ik naar iemand anders haar leven keek.
Eenmaal in de kamer trok April haar schoenen uit en kroop meteen op het bed met haar knuffelkonijn.
Ik ging tegenover haar zitten.
“Lieverd,” zei ik zacht. “Wat bedoelde je in de taxi?”
Ze keek naar haar kleine handen……….