Daniel keek me lange tijd aan zonder iets te zeggen.
Voor het eerst sinds ik hem kende, zag ik echte angst in zijn ogen.
‘Ga zitten,’ fluisterde hij.
‘Nee,’ antwoordde ik. ‘Ik wil weten wie hij is.’
Daniel zuchtte diep en wreef met beide handen over zijn gezicht.
‘Zijn naam is Michael Carter.’
‘Dat weet ik al.’
‘Hij was vroeger bevriend met mijn vader.’
Ik voelde een koude rilling over mijn rug gaan.
‘Waarom heb je dat niet meteen verteld?’
Daniel keek naar de gesloten deur van de logeerkamer.
‘Omdat ik niet wist hoe ik het moest uitleggen.’
‘Probeer het dan.’
Hij bleef even stil.
‘Michael werkte vroeger samen met mijn vader. Ze hadden samen een klein bedrijf. Maar ongeveer vijfentwintig jaar geleden ging alles mis. Mijn vader beschuldigde Michael ervan geld achterover te hebben gedrukt. Michael ontkende dat. Toch verloor hij alles. Zijn bedrijf, zijn huis en uiteindelijk ook zijn huwelijk.’
Ik dacht aan de vermoeide man die enkele minuten geleden nog aan onze keukentafel had gezeten.
‘En wat heeft dat met jou te maken?’
Daniel keek naar beneden.
‘Veel meer dan je denkt.’
Op dat moment ging de deur van de logeerkamer open.
Michael stond in de gang.
‘Je moet haar de waarheid vertellen, Daniel.’
Mijn man verstijfde.
Michael liep langzaam naar ons toe en bleef op een paar meter afstand staan.
‘Ik ben niet hier om jullie problemen te bezorgen,’ zei hij. ‘Ik ben hier omdat ik eindelijk wil dat de waarheid bekend wordt.’
‘Welke waarheid?’ vroeg ik.
Michael keek naar de foto aan de muur.
‘Over je schoonvader.’
Daniel sloot zijn ogen…………..