Mijn hart bonsde terwijl ik met trillende handen het voorwerp blootlegde. Het was een kleine, oude houten kist, met verf die van ouderdom afgebladderd was. Ik veegde het zand en de aarde weg en tilde het voorzichtig op. De geur van aarde vermengd met iets zoets en muffigs kwam me tegemoet. Binnenin lagen stapels vergeelde brieven, een paar vergeelde foto’s en een klein, zilveren medaillon.
Elke brief was geschreven in oma’s sierlijke handschrift. Ik begon te lezen en voelde hoe tranen over mijn wangen rolden. Oma had een dagboek voor ons achtergelaten, een soort geheim archief van haar leven en haar zorgen. Ze schreef over haar jeugd, over de liefde voor haar familie, en over de strijd die ze had gevoerd met mijn tante, die altijd jaloers was geweest op haar en de bezittingen. Ze had alles vastgelegd, zorgvuldig en met de hoop dat wij het op een dag zouden vinden.
In de kist zat ook een brief, dikker en anders dan de rest. “Voor mijn kleindochter,” stond erop. Mijn vingers beefden terwijl ik de envelop opende…..
