Ik voelde mijn hart breken. Hoe konden mensen zo hard zijn? De man keek beschaamd naar de grond, alsof hij wilde verdwijnen. Zonder na te denken, legde ik mijn laatste briefje van vijf euro op de toonbank.
“Hier, ik betaal wel,” zei ik zacht.
De oude man keek me recht in de ogen. Er zat iets bijzonders in zijn blik – dankbaarheid, maar ook iets wat ik niet kon plaatsen. Hij wilde me de hand schudden, maar ik glimlachte enkel en liep weg met mijn kinderen.
Die nacht sliepen we weer in onze tent. De kou kroop door onze dekens, en ik vroeg me af of ik wel de juiste keuze had gemaakt. Ik had dat geld nodig voor mijn kinderen… Maar diep vanbinnen wist ik dat ik niet anders kon.
De volgende ochtend werd ik wakker van het geluid van motoren. Twee zwarte jeeps stonden vlak bij onze tent. Mijn hart sloeg op hol. Wie waren die mensen? Wat wilden ze?
Een man in een net pak stapte uit. Hij had een vriendelijke maar strakke blik. Achter hem stond een bewaker, die me een enveloppe overhandigde.
“Deze brief is voor u, meneer…..
