Histoire 20 12

 

“De eerste taal die ik leerde,” begon ze, “was stilte. In het opvangcentrum zei men dat wie stil was, minder problemen veroorzaakte.”

 

Er ging een rilling door de zaal.

 

“De tweede taal was voorzichtigheid. Elk woord kon tegen je gebruikt worden. Elk foutje was er één te veel.”

 

Ze pauzeerde even, ademde diep in.

 

“De derde taal was wantrouwen. Niet uit keuze, maar uit noodzaak.”

 

De rechter schoof ongemerkt iets dichter naar zijn microfoon.

“En de rest?” vroeg hij, zijn stem iets zachter dan daarvoor.

 

“De vierde was observatie. De vijfde snelheid. De zesde geduld. De zevende nederigheid, de achtste vlijt…”

Ze hief haar hoofd iets op.

“…en de negende was waarheid.”

 

“En de tiende?” vroeg de rechter.

 

“De tiende,” zei ze, “is de taal die ik vandaag spreek. De taal die u dwingt om verder te kijken dan wat in het dossier staat.”

 

Het bleef stil.

 

Totdat de procureur ongeduldig op zijn tafel tikte…………

Lees verder op de volgende pagina

Laisser un commentaire