Histoire 18 2056 66

Ik bleef stokstijf staan in het gangpad van het vliegtuig.

De stewardess achter mij kuchte zacht.

“Mevrouw, mag ik er langs?”

Maar ik kon mijn blik niet van haar afwenden.

Het was haar.

Hetzelfde gezicht. Dezelfde ogen.

Alleen was de kou verdwenen.

De kwetsbaarheid ook.

Ze zat rechtop in een perfect gesneden jas, haar haar netjes gestyled. En toch… droeg ze nog steeds mijn handgebreide sjaal.

Onze blikken kruisten elkaar.

Langzaam verscheen er een kleine glimlach op haar gezicht.

“Gaat u zitten,” zei ze rustig.

Haar stem was anders. Zelfverzekerd. Helder.

Ik ging zitten naast haar, nog steeds verward.

“Wat betekent dit?” fluisterde ik.

Ze keek even naar de twee mannen in zwarte pakken, die discreet een paar rijen verder plaatsnamen.

“Het betekent,” zei ze zacht, “dat u de enige persoon was die mij vanochtend als mens behandelde.”

Mijn hart sloeg over.

“Ik begrijp het niet.”

Ze draaide zich iets naar mij toe.

“Mijn naam is Vivienne Laurent.”

De naam zei me niets.

Ze leek mijn verwarring te merken.

“Mijn familie bezit onder andere deze luchtvaartmaatschappij.”

Ik knipperde met mijn ogen.

“Wat?”

Ze glimlachte licht.

“Mijn grootvader heeft ze opgericht. Mijn moeder runt nu het grootste deel van het imperium.”

Mijn hoofd tolde.

“Maar… u zat daar… buiten… zonder jas…”

Ze knikte langzaam.

“Het was geen toeval.”

Mijn maag trok samen.

“Wat bedoelt u?”

Ze haalde diep adem.

“Ik ben 22,” zei ze. “En ik ben de enige erfgename van een vermogen waar mensen moord voor zouden doen.”

Ze keek uit het raam terwijl het vliegtuig begon te taxiën.

“Drie jaar geleden werd ik ontvoerd.”

Mijn adem stokte.

“Ze lieten me vrij. Maar sindsdien leef ik onder constante beveiliging. Alles is gecontroleerd. Gepland. Gefilterd.”

Ze keek me weer aan.

“Ik weet niet meer hoe het voelt als iemand mij helpt zonder iets terug te verwachten.”

Ik voelde kippenvel…………….

Lees verder op de volgende pagina.

Laisser un commentaire