en ik was er al middenin.
—
Mijn telefoon bleef trillen.
—
Gemiste oproepen.
Berichten.
Voicemails.
—
Dylan.
Eleanor.
—
Steeds opnieuw.
—
Ik keek ernaar.
—
Maar nam niet op.
—
Niet één keer.
—
De auto reed verder, weg van dat huis…
weg van dat leven.
—
Pas toen de stadslampen achter me verdwenen, liet ik langzaam mijn adem los.
—
Niet van angst.
—
Maar van helderheid.
—
Want dit was geen impulsieve beslissing.
—
Dit was voorbereiding.
—
Maandenlang had ik kleine dingen opgemerkt.
—
De manier waarop Dylan sprak over “rollen” in een huwelijk.
De manier waarop Eleanor vrouwen beoordeelde alsof ze personeel selecteerde.
De kleine opmerkingen… verpakt als traditie.
—
Ik had het gezien.
—
En ik had een plan gemaakt.
—
Mijn telefoon lichtte opnieuw op.
—
Een bericht van Dylan:
“Je denkt dat je zomaar weg kunt gaan?”
—
Ik glimlachte zwak.
—
En blokkeerde zijn nummer.
—
Daarna Eleanor.
—
Geblokkeerd.
—
Stilte.
—
Echte stilte.
—
Ik keek naar mijn tas naast me…………..