Hier spreekt David Miller, de echtgenoot van Anna. Uw dochter maakt een scène. Ze beweert dat ze in gevaar is om aandacht te krijgen. Ik stel voor dat u haar tot rede brengt voordat ik juridische stappen onderneem.
Er viel een zware stilte.
Zelfs Sylvia, die achter hem stond met een zelfvoldane glimlach, kruiste haar armen, overtuigd dat dit opnieuw een vernedering voor mij zou worden.
Toen klonk de stem opnieuw.
Rustig. Koud. Onmiskenbaar autoritair.
— Meneer Miller… bent u op dit moment bij mijn dochter, Anna Laurent?
David fronste zijn wenkbrauwen.
— Ja. En? Ze overdrijft een simpele val. We hebben gasten. Dit is niet het moment—
— Geef de telefoon onmiddellijk aan Anna.
Het was geen verzoek.
Het was een bevel.
David lachte spottend.
— U hebt hier niets te—
— NU.
Iets in die stem deed Davids zelfvertrouwen wankelen. Met zichtbare irritatie gooide hij de telefoon naar mij toe.
Mijn handen trilden. Het bloed bleef langs mijn benen lopen. Mijn zicht werd wazig.
— Papa… fluisterde ik.
— Anna, luister heel goed. Heeft iemand je geduwd?
De tranen stroomden over mijn gezicht.
— Ja… zijn moeder… en hij houdt me tegen om een ambulance te bellen…
De stem van mijn vader veranderde onmiddellijk. Alle warmte verdween.
— Blijf bij bewustzijn. Beweeg niet. De ambulance is al onderweg.
David barstte in lachen uit.
— Een ambulance? U hebt hier geen enkele bevoegdheid. Ik—
Mijn vader onderbrak hem.
— David Miller. Advocaat. Partner bij H&K Associates?
Het lachen verstarde op Davids gezicht.
— Ja… hoe weet u—
— Ik ben de voorzitter van het Hooggerechtshof.
De woorden sloegen in als een explosie.
Het wijnglas gleed uit Sylvia’s handen en verbrijzelde op de vloer……………