En toen…
—
keek ze opnieuw naar het pasgetrouwde koppel.
—
“Je ziet er… verrassend rustig uit,” zei haar moeder zacht achter haar.
—
Cristina draaide zich half om.
—
“Dat komt omdat ik niet degene ben die vandaag iets verloren heeft,” zei ze.
—
Aan de overkant lachte Ruth luid.
—
Damian kuste haar.
—
Voor de camera.
—
Voor de wereld.
—
Voor een toekomst die ze dachten te begrijpen.
—
Cristina keek nog één keer.
—
Lang genoeg om het moment in zich op te nemen.
—
En toen draaide ze zich om.
—
“Kom,” zei ze.
“We hebben nog werk te doen.”
—
“Werk?” vroeg haar moeder verbaasd.
—
Cristina knikte.
—
“Ja,” zei ze zacht.
“Want iemand gaat straks ontdekken dat hij getrouwd is met een bedrijf… dat niet meer bestaat.”
—
Haar moeder fronste.
—
Cristina glimlachte.
—
“En dat alle contracten, alle eigendommen en alle rechten…”
ze tikte licht op haar tas,
“…nooit van hem zijn geweest.”
—
Ze begonnen weg te lopen.
—
Achter hen ging het gelach door.
—
Foto’s.
Champagne.
Illusies.
—
Voor hen…
—
stilte.
—
Controle.
—
En waarheid.
—
Terwijl ze de straat uit liepen, voelde Cristina opnieuw een zachte beweging in haar buik.
—
Ze legde haar hand erop.
—
“Wij zijn vrij,” fluisterde ze.
—
En ergens achter hen…
—
zonder dat hij het nog wist…
—
begon Damian alles te verliezen wat hij dacht gewonnen te hebben.