Ik kwam vandaag niet om je te vernederen.
Ik kwam om afscheid te nemen van wat wij ooit waren.
Je gebruikte mijn naam. Mijn handtekening. Mijn vertrouwen.
Niet één keer — maar meerdere keren.
Ik heb je wekenlang de kans gegeven om het recht te zetten.
Je noemde me overdreven. Dramatisch. Bitter.
Vandaag heb ik het voor je opgelost.
De lening is officieel betwist.
Het dossier wegens identiteitsfraude is geopend.
Mijn naam staat nergens meer onder jouw schulden.
Je zei dat ik hier niets meer te zoeken had.
Dat klopt.
Maar mijn naam ook niet.”**
— Lucía
Volgens mijn nicht werd het stil aan tafel.
Eerst dacht men dat het een grap was.
Toen begon haar schoonvader de papieren te lezen.
Zijn gezicht veranderde.
Haar kersverse echtgenoot pakte zijn telefoon.
Iemand fluisterde: “Is dit waar?”
Carla stond daar, met de map in haar handen, nog in haar witte jurk.
De muziek speelde nog zacht op de achtergrond, maar niemand luisterde meer.
De vader van de bruidegom vroeg hardop wat dit betekende voor de hypotheekaanvraag die maandag getekend zou worden.
En toen besefte ze het.
Zonder mijn inkomen als borg.
Zonder mijn “stabiele profiel”.
Zonder mijn handtekening.
Was die aanvraag niet geldig.
En de lening van 18.000 euro?
Die stond nu onder onderzoek.
Mijn telefoon bleef die avond trillen.
Gemiste oproepen.
Boze berichten.
Daarna smeekbedes.
“Je vernietigt mijn huwelijk.”
“We lossen dit toch samen op?”
“Waarom moest je dit vandaag doen?”
Maar ik had niets “gedaan” op die dag…………