naar verlies.
Van arrogantie…
naar realiteit.
Vivienne keek naar haar jurk.
Naar haar handen.
Alsof ze voor het eerst besefte…
dat niets blijvend was.
Franklin stond stil.
Verslagen.
Niet door mij.
Maar door zijn eigen keuzes.
Ik draaide me om.
Liep naar de rand van het jacht.
De zee was rustig.
Oneindig.
Net als de toekomst.
De jurist kwam naast me staan.
— Alles is geregeld, zei hij zacht.
Ik knikte.
— Dank je.
Hij aarzelde even.
— Wilt u nog actie ondernemen tegen de familie?
Ik dacht na.
Heel even.
Toen schudde ik mijn hoofd.
— Nee.
— Dit is genoeg.
Want soms…
is verlies…
de grootste les.
Ik liep richting de uitgang.
Langzaam.
Zonder haast.
Achter mij hoorde ik stemmen.
Chaos.
Excuses.
Maar ik keek niet meer om.
Niet naar Logan.
Niet naar zijn ouders.
Niet naar het verleden.
Alleen vooruit.
Toen ik van het jacht afstapte…
voelde ik geen woede.
Geen wraak.
Alleen…
rust.
Want uiteindelijk…
ging het nooit om geld.
Of status.
Of macht.
Het ging om respect.
En die dag…
hadden ze geleerd…
dat je nooit moet neerkijken op iemand…
zonder te weten…