— « Mevrouw Marlowe, ik… wat doet u hier? »
Elena zette haar tas op de balie.
— « De dossiermap van mijn zoon. Alles: het ongevalsrapport, de identificatie, de documenten van de begrafenisondernemer. Ik wil kopieën. »
De receptioniste slikte.
— « Ik weet niet of— »
— « U gaat het voor me halen, » zei Elena, op een manier die zo rustig was dat het niet anders dan overtuigend kon zijn.
Binnen een kwartier kwam de vrouw terug, bleek en nerveus.
— « Er is een probleem… »
Elena had het kunnen voorspellen.
— « Welke? »
— « Het dossier… is niet compleet. Er ontbreken documenten. Sommige pagina’s zijn nooit ingevuld. En… er is geen officiële bevestiging van de identificatie door familie. Alleen een handtekening van een arts. »
Elena voelde een mix van woede en bevestiging branden in haar borstkas.
— « Laat me die handtekening zien. »
Toen ze het papier zag, verstijfde ze. Ze kende die naam. Niet persoonlijk, maar genoeg om te weten dat deze arts een reputatie had voor haastwerk. Voor fouten. Voor dossiers die niet nagekeken werden.
Maya, die naast haar was gebleven, fluisterde:
— « Elena… dit is ernstig. »
— « Het wordt ernstiger, » antwoordde Elena, terwijl ze het papier omdraaide.
Achterop zat iets wat er niet hoorde: een stempel van een andere afdeling van het ziekenhuis — een afdeling die te maken had met transport van patiënten, niet met overleden personen.
— « Daniel is misschien nooit doodverklaard, » zei Elena zacht.
De receptioniste sperde haar ogen open.
— « U moet hier echt voorzichtig mee zijn. Als iemand hoort dat u— »
Maar Elena draaide zich om en liep weg.
Ze had genoeg gehoord.
—
Die nacht, terug in haar stille huis, pakte Elena een doos vol foto’s. Daar, tussen Daniel op zijn twaalfde met modder op zijn gezicht, en Daniel op zijn zeventiende met gitaar in zijn handen, vond ze iets dat haar adem stokte.
Een foto van de avond voor het ongeluk. Hij stond op het balkon, telefoneerde en keek gespannen om zich heen.
Op de achtergrond — bijna onopvallend — stond een witte bestelwagen zonder logo, geparkeerd iets te dicht bij het huis.
Elena voelde het opnieuw, die koude, diepe zekerheid.
— « Je probeerde me iets te vertellen, hè? » fluisterde ze naar de foto.
Toen ging haar telefoon.
Geen naam. Geen nummer. Alleen stilte aan de andere kant van de lijn.
Tot een stem fluisterde:
— « Stop nu, mevrouw Marlowe. »
De lijn viel weg.
Elena liet haar telefoon zakken.
Ze was niet alleen die zocht.
Iemand anders wilde dat juist niemand de waarheid vond.