Histoire 13 2078 67

“En jij?” vroeg hij aan het meisje.

“Luna,” fluisterde ze, met een kruimel op haar lip.

Leonardo glimlachte. “Mooie namen.”

Hij keek weer naar Karina. “Mag ik iets voorstellen? Niet als aalmoes. Als uitnodiging.”

Ze verstijfde meteen. “We nemen geen geld aan.”

“Ik bied geen geld aan,” zei hij. “Ik bied een maaltijd. Binnen. Warm. Voor jullie allemaal.”

Mateo keek naar zijn moeder. Luna ook. Karina sloot even haar ogen. Je kon zien hoe trots en nood met elkaar vochten.

“Waarom?” vroeg ze uiteindelijk.

Leonardo dacht aan zijn lege huis. Aan de echo’s in de gangen. Aan zijn vaders stem.

“Omdat ik vandaag iemand zag die me herinnerde aan wie ik wil zijn.”

Ze stonden op.

Het restaurant lag aan de rand van het plein. Geen luxe, maar schoon. Hout, licht, geur van soep en vers brood. Karina hield Luna’s hand stevig vast toen ze binnenkwamen, alsof de muren elk moment konden verdwijnen.

Leonardo bestelde zonder menu’s te pakken: soep, rijst, kip, groenten, warm brood, melk voor de kinderen. Karina wilde protesteren, maar hij legde een vinger tegen zijn lippen.

“Laat het vandaag gewoon gebeuren,” zei hij.

De kinderen aten langzaam, voorzichtig, alsof ze bang waren dat iemand het zou afpakken. Na de eerste happen ontspanden hun schouders. Luna begon te praten. Mateo lachte voor het eerst.

Karina keek toe, haar handen om een dampende kom. Toen ze zelf begon te eten, beefden haar vingers opnieuw – maar dit keer niet van zwakte.

“Hoe lang?” vroeg Leonardo zacht.

“Drie maanden,” antwoordde ze. “Sinds mijn man overleed.”

Het woord viel zwaar, maar zonder drama.

“Hij werkte in de bouw. Een ongeluk.” Ze haalde haar schouders op. “Het spaargeld was snel weg. De huur… ook……….

Lees verder op de volgende pagina.

Laisser un commentaire