Langzaam begon ze te praten.
Over hoe mama haar opsloot in haar kamer.
Over hoe Leo soms uren alleen lag.
Over hoe ze had geleerd stil te zijn. Onzichtbaar. Sterk.
Adrien huilde die nacht. Voor het eerst in jaren.
Niet zacht.
Maanden later zat Sophie op schoot bij haar tante, lachend. Leo kroop veilig over een zachte mat.
De scheiding was afgerond. Volledig gezag.
Adrien had zijn baan aangepast. Minder reizen. Meer thuis.
Op een avond, terwijl hij Sophie instopte, fluisterde ze:
“Papa… nu hoef ik niet meer te fluisteren, toch?”
Hij kuste haar voorhoofd.
“Nee, liefje,” zei hij. “Vanaf nu mag je altijd hard praten. Je bent veilig.”
En voor het eerst sinds hij die deur had geopend… voelde huis weer als thuis.