Histoire 12 2055 01

De geur kwam als eerste.

Geen parfum.

Geen vrouwenkleding.

Geen tekenen van een affaire.

Maar verf. Hout. Stof.

En… kinderlach.

Mijn hart stopte bijna.

Ik liep verder de woonkamer in — en bleef stokstijf staan.

De hele ruimte was veranderd.

De oude bank was verdwenen. De muren waren half geschilderd in zacht crème. Op de vloer lagen planken, verfrollers, gereedschap.

En in het midden van de kamer stond een klein wit wiegje.

Mijn adem stokte.

Naast het raam zag ik dozen met babykleding. Nieuwe dekentjes. Een kleine commode die nog in elkaar gezet moest worden.

Ik hoorde voetstappen achter me.

“Wat doe jij hier?”

Ik draaide me om. Mark stond in de deuropening van de keuken. Zijn gezicht was bleek. Niet boos.

Bang.

“Wat… is dit?” fluisterde ik.

Hij keek naar het wiegje. Toen naar mij.

“Ik wilde dat je het nog niet zag.”

Mijn keel werd droog. “Is er iemand zwanger?”

Hij schudde meteen zijn hoofd. “Nee! Nee, luister… alsjeblieft.”

Mijn gedachten raasden.

Waarom een wiegje?

Waarom geheim?

Waarom mij weghouden?

Hij liep langzaam naar me toe.

“Ga zitten,” zei hij zacht.

“Ik blijf staan.”

Hij knikte. Slikte.

“Drie maanden geleden ben ik naar de dokter gegaan. Zonder jou.”

Mijn hart begon opnieuw te bonzen.

“Waarom zonder mij?”

“Omdat jij al zo veel stress had. Werk. Je moeder. Alles.”

Zijn stem brak licht.

“Ze hebben iets gevonden.”

De wereld leek te kantelen.

“Wat?” fluisterde ik……………..

Lees verder op de volgende pagina.

Laisser un commentaire