Histoire 11 2066 90

Viktoria Lvovna, die een champagneglas in haar hand hield, verstijfde plotseling.

Het was maar een fractie van een seconde, maar iedereen die haar kende kon het zien. Haar glimlach bleef op haar lippen hangen, maar haar ogen verrieden verwarring.

Ze had duidelijk iets heel anders verwacht.

Leonid Semionovitsj kneep zijn ogen een beetje samen en keek mijn ouders onderzoekend aan, alsof hij probeerde te begrijpen waar precies de “eenvoudige plattelandsmensen” waren gebleven die hij zich had voorgesteld.

Mijn vader glimlachte beleefd en knikte licht naar de gasten.

“Goedenavond,” zei hij rustig. “Ik hoop dat we niet te laat zijn.”

Zijn stem had een kalme, zelfverzekerde toon. Niet luid, niet overdreven, maar met die natuurlijke waardigheid die je niet kunt faken.

Ik zag hoe Artiom naast me opgelucht ademhaalde.

Mijn moeder keek ondertussen rond in de zaal, bewonderde de kroonluchters en de hoge plafonds.

“Wat een prachtige plek,” zei ze. “Heel stijlvol.”

Een paar gasten glimlachten vriendelijk terug. Sommigen knikten beleefd.

De spanning die enkele minuten eerder in de lucht hing, begon langzaam te verdwijnen.

Maar Viktoria Lvovna was nog niet klaar.

Ze zette haar glas voorzichtig neer en stapte naar voren.

“Hm,” zei ze met een lichte glimlach. “Dus… u bent de ouders van… onze schoondochter.”

Mijn moeder keek haar rustig aan.

“Inderdaad,” antwoordde ze. “En u moet Viktoria Lvovna zijn. We hebben al veel over u gehoord.”

Het antwoord was beleefd, maar er zat een subtiele elegantie in die Viktoria zichtbaar uit balans bracht.

Ze had waarschijnlijk een nerveuze, verlegen vrouw verwacht.

Niet iemand die haar blik zonder moeite kon vasthouden.

Leonid Semionovitsj kuchte zacht.

“U woont dus… op het platteland?” vroeg hij.

Mijn vader knikte.

“Ja. Al meer dan dertig jaar.”

Hij zweeg even en voegde er toen vriendelijk aan toe:

“Het is een rustig leven. Maar we houden ervan.”

Leonid keek naar zijn horloge, toen weer naar mijn vader.

“Landbouw?” vroeg hij.

“Onder andere.”

Mijn vader zei het op zo’n eenvoudige manier dat niemand meteen doorhad wat hij precies bedoelde.

Maar toen gebeurde er iets onverwachts.

Een van Artioms collega’s – een man die duidelijk gewend was om met invloedrijke mensen om te gaan – liep plotseling naar mijn ouders toe.

Zijn gezicht lichtte op van herkenning.

“Pardon…,” zei hij verbaasd. “Bent u… misschien Aleksandr Petrovitsj?”

Mijn vader keek hem vriendelijk aan.

“Ja, dat klopt.”

De man leek bijna enthousiast.

“Maar natuurlijk! Ik herkende u al. Mijn vader werkt samen met uw landbouwcoöperatie.”

Plotseling werd het stil aan onze tafel………..

Lees verder op de volgende pagina.

Laisser un commentaire