Alsof ze al wist wat hij ging vragen.
— Ja.
Eén woord.
Maar het veranderde alles.
Armand voelde zijn adem wegvallen.
— Waarom… waarom heb je me niets gezegd?
Zijn stem brak.
Clara keek hem recht aan.
— Omdat jij al had gekozen.
Stilte.
De geluiden van het plein kwamen langzaam terug.
Kinderen die lachten.
Kopjes die tegen elkaar tikten.
Maar voor hen…
bestond alleen dit moment.
— Je verdween, vervolgde Clara. — Zonder om te kijken.
Armand liet zijn blik zakken.
Hij herinnerde zich die dag.
De beslissing.
Een contract.
Een kans.
En de keuze om alles achter zich te laten wat “te simpel” was.
— Ik wist niet… fluisterde hij.
Clara glimlachte zwak.
— Nee.
Je wilde het niet weten.
Het meisje kwam dichterbij.
Pakte Clara’s hand.
— Mama… wie is dat?
Clara keek naar haar dochter.
Lang.
Toen naar Armand.
— Iemand uit een ander leven, zei ze zacht.
Die woorden…
sneden dieper dan verwijten.
Armand knielde langzaam neer.
Op ooghoogte met het meisje.
— Hoe heet jij? vroeg hij.
— Lila.
Hij glimlachte.
Voorzichtig.
— Dank je, Lila… voor het terugbrengen van mijn portefeuille.
Het meisje knikte.
— Mama zegt dat we altijd eerlijk moeten zijn.
Armand slikte.
Clara keek hem aan.
— Dat is het enige wat ik haar kon geven.
Een stilte.
— En dit, zei Armand zacht, terwijl hij naar het vlindertje wees…
— Dat gaf ik jou.
Clara raakte het hangertje even aan.
— Ja.
En ik heb het nooit weggegooid.
Hij sloot zijn ogen………….