Hij maakte ontbijt klaar en bracht het naar Clara, die nog in bed lag. Ze keek verrast toen hij binnenkwam met een dienblad.
“Je hoeft dat niet te doen,” zei ze zacht.
“Ik wil het doen,” antwoordde hij met een kleine glimlach.
Langzaam begonnen ze weer te praten. Eerst over kleine dingen, zoals de baby, de kamer die nog moest worden ingericht, en de namen die ze leuk vonden. Die eenvoudige gesprekken hielpen Clara om zich weer normaal te voelen.
Toch merkte Mark dat ze soms stil werd. Haar blik dwaalde dan af, alsof ze opnieuw in die pijnlijke herinnering zat.
Hij wist dat dit tijd nodig had.
**Hulp zoeken**
Een paar dagen later stelde Mark voorzichtig voor om met iemand te praten.
“Misschien kan het helpen… met iemand die ervaring heeft,” zei hij.
Clara aarzelde eerst, maar uiteindelijk stemde ze toe.
De counselor was vriendelijk en geduldig. Tijdens de eerste sessie sprak Clara nauwelijks, maar na verloop van tijd begon ze haar gevoelens te delen. Niet alleen over wat er was gebeurd met Minda, maar ook over haar eenzaamheid, haar angst om Mark teleur te stellen, en haar onzekerheid.
Mark luisterde aandachtig. Sommige dingen had hij nooit beseft.
Hij voelde geen schuld van Clara… alleen respect voor haar kracht.
**Verandering**
Langzaam veranderde hun dagelijks leven.
Mark werkte minder overuren en probeerde vaker thuis te zijn. Ze wandelden samen in het park, praatten over de toekomst en lachten weer om kleine dingen.
Clara begon haar zelfvertrouwen terug te vinden. Ze zorgde beter voor zichzelf, rustte meer, en leerde dat ze niet alles alleen hoefde te dragen.
Op een dag, terwijl ze samen babykleertjes aan het sorteren waren, keek Clara naar Mark en zei…………..