“Mag ik de brief voorlezen?” vroeg Worthing.
We knikten.
Hij opende de envelop zorgvuldig en haalde een vel papier eruit.
—
Lieve Eskel en Coën,
Als jullie dit lezen, ben ik er niet meer. Misschien hebben jullie nooit geweten dat ik bestond, maar ik heb jullie jarenlang gevolgd—op afstand, stil en vol bewondering. Jullie werden met liefde opgevoed door een familie die sterker en beter was dan alles wat ik voor jullie had kunnen bieden toen jullie geboren werden.
Jullie moeder hield van jullie, meer dan ik ooit wist. Haar keuze om jullie een beter leven te geven, brak haar hart, maar ze wist dat het juist was.
Ik wil dat jullie weten dat ik trots ben op jullie, zelfs zonder jullie echt te kennen. Zorg goed voor elkaar. En leef een leven zonder angst, zonder tekort.
Met al mijn liefde,
Opa Kaelan
—
Toen de laatste woorden klonken, zag ik tranen over Ciri’s wangen lopen. Ze veegde ze niet weg.
“Dus… hij was de reden dat alles altijd net goed kwam?” fluisterde ze.
Worthing knikte. “En hij vertrouwde erop dat jullie dat zouden voortzetten—met warmte, zorg en verantwoordelijkheid.”
Geralt pakte mijn hand onder tafel. Ik voelde dezelfde gedachte door ons heen gaan: we hadden nooit gevraagd om wonderen, maar toch waren ze ons pad steeds weer gekruist.
“Wat moeten we nu doen?” vroeg ik zacht.
Worthing glimlachte.
“Het enige wat hij wilde: de jongens laten opgroeien in de liefdevolle familie die jullie al tien jaar voor hen zijn.”
Eskel stond op en liep naar me toe, legde zijn hoofd tegen mijn arm.
Coën deed hetzelfde bij Geralt.
Ciri boog zich naar hen en fluisterde: “Jullie zijn nooit alleen geweest. En dat blijven jullie nooit. Dat beloof ik.”
En zo begon een nieuw hoofdstuk in ons leven—niet door een wonder dit keer, maar door de stille liefde van iemand die wij nooit hadden ontmoet… en die ons toch al die tijd had gezien.