Ik keek naar Oscar.
Hij lag daar…
in Max’ oude plek.
Niet als een indringer.
Maar alsof hij iets had herkend.
Iets wat ik zelf al lang niet meer kon zien.
Mijn hand bleef in de lucht hangen.
Ik wist niet of ik hem mocht aanraken.
Claire fluisterde zacht:
— Hij laat meestal niemand zo dichtbij komen.
Maar Oscar bewoog niet.
Zijn ademhaling bleef langzaam.
Diep.
Voorzichtig liet ik mijn hand zakken.
Niet op zijn hoofd.
Niet direct.
Maar op de rand van de hondenhok.
Alsof ik eerst toestemming vroeg…
aan iets dat groter was dan ons allebei.
Oscar opende zijn ogen.
Heel even.
Hij keek naar mij.
Niet met angst.
Niet met wantrouwen.
Maar met iets dat leek op herkenning.
Alsof hij niet mij zag…
maar iets dat ik had achtergelaten.
Misschien Max.
Misschien de rust die ooit in dit huis had gewoond.
Mijn keel werd strak.
— Hij voelt het, zei Claire zacht.
Ik knikte.
— Ja… fluisterde ik.
— Dat denk ik ook.
Een lange stilte volgde.
Niet ongemakkelijk.
Maar vol.
Alsof er eindelijk ruimte was…
voor iets anders dan verdriet.
Claire haalde voorzichtig haar portemonnee uit haar tas.
— Tien euro, zei ze.
Ik keek naar het geld.
Toen naar Oscar……………