Histoire 18 2043 97

Toen ik wakker werd, was het eerste wat ik voelde… stilte.

Niet de rustige stilte van de nacht, maar een lege, vreemde stilte. Het bed naast me was koud. Te netjes. Alsof er nooit iemand had gelegen.

Ik richtte me langzaam op, mijn hoofd zwaar, mijn lichaam loom. Het gordijn stond op een kier en het ochtendlicht viel genadeloos de kamer binnen.

Hij was weg.

Geen jas over de stoel.

Geen schoenen bij de deur.

Geen spoor van haast… of afscheid.

Ik probeerde rustig te blijven. Mensen vertrekken soms vroeg, zei ik tegen mezelf. Misschien had hij werk. Misschien wilde hij me niet wakker maken.

Maar toen zag ik het.

Mijn handtas lag open op de grond.

Mijn hart begon sneller te slaan.

Ik schoof uit bed en liep ernaartoe. Mijn handen trilden toen ik erin keek. Mijn portemonnee was er nog. Mijn sleutels ook.

Maar het kleine mapje…

Het mapje met mijn papieren… was weg.

Mijn identiteitskaart.

Mijn bankkaart.

En het envelopje waarin ik het geld voor de maand had gestopt.

Alles verdwenen.

Ik ging langzaam op de rand van het bed zitten. Niet huilend. Nog niet. Alsof mijn lichaam even niet wist hoe het moest reageren……………

Lees verder op de volgende pagina.

Laisser un commentaire