Toen Tom het had over het ombouwen van de oude garage tot zijn “mannenhol”, protesteerde ik niet. Na twaalf jaar huwelijk dacht ik dat hij gewoon zijn eigen toevluchtsoord nodig had. De auto stond veilig in de nieuwe garage, en Tom had altijd genoten van zijn hobby’s – elektronica repareren, kleine modellen schilderen, en muziek luisteren.
Maar na een paar weken begon er iets te veranderen. Tom deed de deur op slot. Elke avond na het eten verdween hij daarbinnen en kwam pas laat in de nacht terug. De ramen had hij afgedekt met dikke zwarte doeken, en de kinderen mochten er niet in de buurt komen.
Ik probeerde het los te laten. Iedereen heeft zijn eigen ruimte nodig, zei ik tegen mezelf. Maar het werd moeilijker om zijn gedrag te negeren. Hij nam de sleutels overal mee naartoe – zelfs onder de douche hing ze aan een haakje binnen handbereik…….
